De dieren

De Vijverhof houdt op zijn diverse locaties verschillende soorten pluimvee, zoals kippen, parelhoenders, duiven, kalkoenen, ganzen en loopeenden. Voorts neemt hier en daar de natuur haar lot in eigen hand. De ooievaarsmast is weliswaar door De Vijverhof geplaatst, maar voor de rest regelen de ooievaars alles zelf en brengen elk jaar twee of drie jongen groot. In de vijver zwemmen wilde eenden, meerkoeten, zwanen en futen. In de stallen zijn tientallen nesten van de (bedreigde) boerenzwaluw te vinden, in de bomen langs de vijver zijn nestkastjes geplaatst voor mezen in de strijd tegen de eikenprocessierups en in de heggen stikt het van de mussen.

In de bomen in de Harry de Jongweide is begin 2020 een steenuil (ook bedreigd) waargenomen voor een speciale nestkast maar dit dier is uiteindelijk verjaagd door duiven. In het najaar van 2020 is door de uilenwerkgroep van IVN Wijhe-Olst een nieuwe kast geplaatst waar duiven niet in kunnen. Langs de sloot vertoont zich geregeld een ijsvogel.

In 2021 zal De Vijverhof nieuwe activiteiten ondernemen ten behoeve van de vleermuis en met een wildebloemenweide proberen het insectenleven te stimuleren. In november 2020 is de voorbereiding begonnen

Alpaca

De meest opvallende dieren van De Vijverhof zijn ongetwijfeld de alpaca’s. Deze dieren uit de familie van kameelachtigen komen van nature voor in Zuid-Amerika (o.a. Peru) waar ze door de plaatselijke bevolking met name voor de wol worden gehouden. Alpacawol staat wereldwijd bekend om de zeer goede kwaliteit. De Vijverhof scheert zijn alpaca’s eens per jaar. De wol wordt verkocht aan mensen die de wol spinnen of vilten.

De alpaca’s van De Vijverhof werden in 2013 ‘wereldnieuws’ toen de gehele groep van destijds vijf dieren werd gestolen uit de Harry de Jongweide. Deze dieren zijn enkele dagen laten dwalend, gestrest en beschadigd teruggevonden in het buitengebied van het dichtbijgelegen dorp Schalkhaar.

Ezel

Ezelin Nono is de mater familias van alle dieren van De Vijverhof. Zij is momenteel het oudste dier van De Vijverhof en wordt 25 jaar in 2022. Nono is een lieve en zeer intelligente merrie maar niet zo’n goede moeder. Zij heeft in haar leven slechts twee veulens gebaard. Het eerste hengstveulen werd door haar met alle macht verstoten en alle inspanningen van de verzorgers ten spijt is dit veulen al snel overleden.

Na een ‘afkoelingsperiode’ voor Nono is in 2006 haar tweede veulen geboren, het was opnieuw een hengst. Dit veulen kreeg de naam Yes-R en ook hij werd door Nono verstoten. Met bijvoeding via de fles is hij uiteindelijk wel tot een gezond dier opgegroeid. De Vijverhof besloot dit dier te houden als gezelschap voor Nono want ezels zijn niet graag alleen. Yes-R moest hiervoor wel worden ‘geruind’ maar sindsdien zijn Nono en haar Yes-R onafscheidelijk.

Ezels zijn schrale dieren uit woestijnachtige gebieden die met heel weinig voeding toe kunnen. In onze omgeving (vette klei) is de kans levensgroot dat de ezels veel te veel eten, vervetten, hoefbevangen worden of zelfs overlijden. Daarom het bord ‘ezels en pony’s niet voeren’.
De Vijverhof zorgt ervoor dat de dieren hun rantsoen van het juiste voedsel krijgen waarbij vooral vezelrijk ruwvoer (grof hooi/stro) belangrijk is omdat ezels veel moeten kauwen om gezond te blijven. De hoefjes van de ezels worden enkele keren per jaar door de hoefsmid bekapt.

Pony

De Vijverhof beschikt nog over één Shetland pony, Max. Shetlanders zijn grappige kleine pony’s die zeer winterhard zijn en met weinig voeding toekunnen. Maar omdat hij een grote weide ter beschikking heeft en bij voorkeur de hele dag door vreten, probeert De Vijverhof vervetting tegen te gaan door de pony te rantsoeneren met een schrikdraad. Verder krijgt hij ruwvoer (hooi/stro).

Max is over het algemeen goed gezond maar bij het stijgen der jaren worden ze gevoeliger voor hoefbevangenheid, een stofwisselingsziekte die ontstekingen in de hoef tot gevolg heeft en voor het dier zeer pijnlijk is. Het voeren van de pony met brood of appels is daarvoor ‘verboden’. Het is niet in het belang van de dieren als zij door het publiek worden gevoed. De hoeven van de pony worden enkele malen per jaar door de hoefsmid bekapt.

Varken

De twee varkentjes zijn van het ras Göttinger. Leerlingen van de Ter Stegeschool mochten de namen bedenken nadat De Vijverhof van hen een donatie kreeg die was bijeengebracht met een sponsorloop op school. 

Die namen zijn Piggy en Kleine Knor geworden. Deze twee varkentjes zijn de opvolgers van Frans en Annie.

Schaap

De Vijverhof bechikt over een kudde Ouessant-schapen
(spreek uit: oe-e-sant), het kleinste schapenras. Ouessanten zijn er in zwart, bruin, wit en schimmel en komen oorspronkelijk van het eiland Ile d’Ouessant voor de Bretonse kust (Frankrijk). De rammen ontwikkelen indrukwekkende hoorns, de ooitjes niet. De rammen mogen volgens de stamboeknormen maximaal 49 cm schofthoogte hebben, ooitjes 46 cm. Ouessant-schapen zijn zeer goed hanteerbaar, aanhankelijk en sterk.

De ooien krijgen elk voorjaar één lam, tweelingen komen nauwelijks voor (in 2018 één keer voorgekomen bij De Vijverhof). De dieren kunnen met weinig toe en zijn zelden ziek. Ze hebben strikt genomen ook geen onderdak nodig maar dat hebben ze bij ons wel en daar maken ze dankbaar gebruik van. De Vijverhof werkt samen met topfokker Aalt ten Hoeve die toevallig in Olst woont (Kletterstraat). De schapen worden één keer per jaar in juni/juli geschoren.

Geit

Natuurlijk kan de geit niet ontbreken. De Vijverhof heeft enkele middenformaat geitjes waarvan een exemplaar permanent hoogzwanger lijkt. Dat is zij niet, de dikke buik wordt veroorzaakt door de ‘slappe buikwand’ waardoor de magen en darmen als het ware in de breedte wat meer ruimte krijgen.

Verder zijn er nog twee Nubische hamels (gecastreerde bokken), zij zijn afstammelingen van de overleden Nubische geit Flappie die bij veel verzorgers en bezoekers een speciale status had.

Gans

In de Kortrickvijver leven sinds mensenheugenis witte boerenganzen, ook wel huisgans, tamme gans of witte gans genoemd. Ganzen zijn echte grazers en ze vermaken zich dan ook opperbest in de grote Harry de Jongweide en op andere grasstroken rondom de vijver.

Loopeend

De Indische loopeend of flessenhalseend is heel herkenbaar door zijn speciale houding. Hij loopt en rent rechtop en waggelt niet. Het ras is afkomstig uit Indonesië. Indische loopeenden hebben een andere dieet dan gebruikelijk voor eenden. Ze eten niet uit het water maar van het land: slakken, wormen, insecten, kleine kikkers en zelfs baby-muizen. Loopeenden zijn intelligente dieren die heel goed te trainen zijn.

Kalkoen

Kalkoenen zijn echte loopvogels die als het moet ook wel een stukje kunnen fladderen, over een hek of in een boom. De Vijverhof heeft een haan met twee hennen. De haan maakt de kenmerkende geluiden, de typische ’kwakel’ en het ruisen met zijn veren.

Kip

De Vijverhof houdt natuurlijk ook kippen, met name van de rassen Welsumer en de grote Brahma. Welsumers komen oorspronkelijk letterlijk van de overkant van de IJssel, namelijk uit Welsum.